Sten is negen en moet 450 dagen zonder papa en mama. Ze vertrekken naar de Zuidpool, voor de pinguïns. Bij oma is het fijn. Ze bakt de lekkerste taart, klimt sneller in bomen dan hij, en haar kelder ruikt naar geheimen. Maar het huis is af en toe ook stil. Te stil. Sten is bang dat iedereen hem zal vergeten. Dan ontdekt hij de pen. Zilver, met een gouden maantje. Oma zegt dat het een toverpen is, maar Sten gelooft haar niet. Tot de boeken beginnen te praten. Maar de pen doet nooit wat hij verwacht. En misschien is dat juist het punt ...
Sten Toverpen gaat over gemis, over vriendschap, en over ontdekken dat je niet bijzonder hoeft te worden. Omdat je dat al bent. Voor lezers vanaf 8 jaar.